Ouder-kindvrijstelling 2026 in de schenkbelasting: heroverweging aangekondigd

De jaarlijkse ouder-kindvrijstelling in de schenkbelasting bedraagt in 2026 € 6.908. Voor overige verkrijgers geldt een vrijstelling van € 2.769.

Een recente evaluatie van het Ministerie van Financiën concludeert dat de doelmatigheid van deze hogere vrijstelling beperkt is en adviseert om de hoogte in samenhang met andere vrijstellingen te heroverwegen (Evaluatierapport jaarlijkse ouder-kindschenkvrijstelling, februari 2026).

Dat is een belangrijk signaal voor iedereen die structureel schenkt.


Historische achtergrond: 1917 als vertrekpunt

De regeling bestaat sinds 1917. Destijds werden twee doelen genoemd:

  • kleinere schenkingen tussen ouders en kinderen niet belasten;

  • voorkomen dat bijdragen uit hoofde van de wettelijke onderhoudsplicht als schenking werden belast.

Sinds 1981 worden bijdragen uit de onderhoudsplicht echter niet langer als schenking aangemerkt. Daarmee is een belangrijk oorspronkelijk argument vervallen.

Bij de herziening van de Successiewet in 2009 werd daarnaast de zogenoemde verwachtingswaarde genoemd: schenkingen van ouders aan kinderen zouden minder het karakter van een buitenkans hebben en daarom lager mogen worden belast.

De vraag die de evaluatie stelt, is of deze historische onderbouwing nog voldoende draagkracht heeft in het huidige maatschappelijke perspectief.


Feitelijk gebruik: omvangrijk en vaak fiscaal gedreven

Het gebruik van de regeling is groot. Naar schatting vallen jaarlijks circa 235.000 schenkingen onder de hogere ouder-kindvrijstelling boven het niveau van de algemene vrijstelling. Het budgettaire beslag wordt geraamd op ongeveer € 61 miljoen per jaar (Evaluatierapport, 2026).

Daarnaast worden jaarlijks circa 12.000 tot 14.000 papieren schenkingen gedaan ter hoogte van de vrijstelling.

Uit enquêteonderzoek blijkt dat fiscale motieven een belangrijke rol spelen. Besparing van toekomstige erfbelasting en fiscaal gunstige vermogensoverdracht worden het vaakst genoemd. Ongeveer één op de vijf schenkingen kent uitsluitend een fiscaal motief.

Dat gebruik is begrijpelijk. De wetgever heeft de vrijstelling immers niet beperkt tot specifieke doelen. Maar het maakt de regeling wel gevoelig voor beleidsmatige heroverweging.


Doeltreffend maar beperkt doelmatig

De evaluatie maakt een helder onderscheid tussen doeltreffendheid en doelmatigheid.

De vrijstelling bereikt per definitie het doel om kleinere schenkingen onbelast te laten en de verwachtingswaarde in het systeem te verwerken.

De doelmatigheid wordt kritischer beoordeeld. De hoogte van € 6.908 is nooit expliciet onderbouwd vanuit concrete beleidsdoelen. Bovendien wordt de verwachtingswaarde al tot uitdrukking gebracht in de lagere tarieven voor kinderen in de schenk- en erfbelasting. Vanuit dat perspectief is de extra vrijstelling niet noodzakelijk.

Ook lijkt voor het merendeel van de schenkingen geen directe relatie te bestaan met de wettelijke zorgplicht. Dat wijst op een aanzienlijke deadweight loss: fiscale faciliteiten die niet nodig zijn om het beoogde doel te bereiken.

De conclusie van het rapport is daarom dat heroverweging van de hoogte verdedigbaar is (Evaluatierapport, 2026).


Minder afhankelijk van verwantschap?

Een opvallende passage in de evaluatie is de suggestie om de schenk- en erfbelasting minder afhankelijk te maken van verwantschap.

Dat raakt de kern van het huidige stelsel. Het onderscheid tussen kinderen en overige verkrijgers is historisch gegroeid, maar maatschappelijk minder vanzelfsprekend dan een eeuw geleden.

Als deze gedachte beleidsmatig wordt opgepakt, kan dit leiden tot:

  • verlaging van de ouder-kindvrijstelling;

  • aanpassing van tariefstructuren;

  • herijking van de verhouding tussen schenk- en erfbelasting.

De kabinetsreactie wordt in het tweede kwartaal van 2026 verwacht.


Wat betekent dit voor uw vermogensplanning?

Wie jaarlijks schenkt om toekomstige erfbelasting te beperken, doet er verstandig aan vooruit te kijken.

Belangrijke vragen zijn:

  • Past jaarlijks schenken nog bij uw totale vermogensstructuur?

  • Is een papieren schenking nog het juiste instrument?

  • Wordt vermogen optimaal gespreid over meerdere jaren?

  • Wat gebeurt er als vrijstellingen worden verlaagd of gelijkgetrokken?

Vermogensoverdracht is geen los fiscaal instrument. Het vraagt om samenhang tussen liquiditeit, rendement, familieverhoudingen en fiscale optimalisatie.

Juist in een periode van mogelijke beleidswijzigingen is structuur belangrijker dan opportunisme.


Slot

De ouder-kindvrijstelling is niet afgeschaft, maar staat inhoudelijk ter discussie. De evaluatie geeft duidelijk aan dat de huidige hoogte niet vanzelfsprekend is en heroverweging verdient (Evaluatierapport jaarlijkse ouder-kindschenkvrijstelling, Ministerie van Financiën, 2026).

Wie vermogen wil overdragen, doet er goed aan tijdig te analyseren wat dit betekent voor zijn of haar positie.

Wilt u inzicht in uw huidige schenk- en erfbelastingstrategie?
Ik kijk graag zorgvuldig met u mee en breng overzicht in uw mogelijkheden.

    Contact opnemen

    Benieuwd of uw wensen en doelstellingen financieel haalbaar zijn? Plan direct een vrijblijvend kennismakingsgesprek in.

    Financiële Planning Specialist

    Bronsweg 7

    8211 AL Lelystad